maart 2012

Frizzante!

Oftewel: bubbels! Een chique glas vol, want dat heb ik wel verdiend. Het was hard, heel hard werken de afgelopen… tja, eigenlijk al sinds het moment dat de acquirerend redacteur van uitgeverij Boekerij contact met me zocht. En dat was in de zomer van 2010. Maar vooral de laatste maanden bestonden uit schrijven, schrijven en nog eens schrijven. Tussendoor nog wat laatste restjes research doen en o ja, dan was er ook nog een veeleisende ‘gewone baan’.

 

Maar nu is het voorbij. Het volledige manuscript Véronique is ingeleverd bij de uitgeverij en ik heb ineens een enorme vrijheid. Wat ik daarmee ga doen? Niet alleen maar Italiaanse bubbels drinken, lijkt me. Nee, eindelijk heb ik weer tijd voor plezierlezen. Nou is lezen wat mij betreft altijd plezierig maar wanneer het gaat om research of (prachtige) voorbeeldromans zoals Heren van de thee van Hella Haasse en De stille kracht van Louis Couperus zit er toch een grote mate van ‘moeten’ achter. Ik moet het snel uit hebben, want er wacht nog meer werk. Ik moet aantekeningen maken. En wanneer het gelezene nieuwe vragen oproept, moet ik daar ook weer een antwoord op zoeken.

 

De komende weken ga ik vooral lui lezen. Languit op de bank of, wie weet, in een vroeg voorjaarszonnetje in de achtertuin. Geen papier en pen bij de hand (zou ik dat kunnen?). En vooral boeken die niets met de thema’s uit Véronique van doen hebben. Geen vrouwenemancipatie, geen Nederlands-Indië en ook geen Indonesië. Ik wil het woord koffieteelt niet meer zien. En überhaupt de hele 19de eeuw kan me even gestolen worden. Wat wel op de leesstapel klaarligt, deels al half verorberd, zijn HhhH van Laurent Binet, Volgspot van Joseph O’Connor, Koffer uit Berlijn van Kristine Groenhart, Nachtwakers van Ken Follett en… ja heus, Joop ter Heul van Cissy van Marxveldt. Rijp en groen door elkaar, zeg maar :D

 

Terwijl ik mij verlies in door anderen geschapen werelden zal ik mijn keel meestal bevochtigen met water of (kruiden)thee. Maar soms ook met een fijn glas Prosecco want helderheid van geest is gelukkig niet meer continu vereist.

Tussen het lezen door, wachtend op reactie en redactiecommentaar van de uitgeverij, zal ik waarschijnlijk stiekem al gaan denken over het volgende boek. Er zitten al wat basiselementen in mijn hoofd. Zoals dat de plaats van handeling grotendeels Brussel zal zijn. En ik zal voor dit verhaal een workshop bonbons maken bij een chocolatier ‘moeten’ volgen. Naar hoor.