21 oktober 2015

Herfstlust

21 oktober is het alweer, hartje herfst. En dat komt mij goed uit. Omdat de herfst, na de vroege lente, mijn favoriete seizoen is, maar vooral ook omdat het vervolgverhaal op Het huis met de blauwe luiken zich in de herfstmaanden afspeelt. Ik heb niet zoveel moeite met me inleven in andere tijden, locaties en levens maar het maakt het net wat makkelijker en ook leuker als ik niet alleen schrijf over herfstboswandelingen, bergen gevallen blad op de grond en formaties paddenstoelen, maar die dingen ook in het echt zie en doe. Ik heb het al eerder gemerkt, toen ik eenmaal bezig was met het manuscript van Het huis, een roman schrijven die dicht bij je eigen leven en werkelijkheid staat, dat geeft extra plezier aan het hele schrijfproces.

 

Mocht je het nog niet weten, mijn roman Het huis met de blauwe luiken, die afgelopen zomer verscheen, is het eerste deel van wat een serie gaat worden. Nu schrijf ik dus aan deel twee. De boeken gaan over Loes Beekman die na een scheiding in het Franse dorp Pommiers een nieuw leven en een eigen chambre d’ hôtes opbouwt. Ik ken de streek waar de verhalen zich afspelen goed omdat mijn familie er al zo’n 15 jaar een huis heeft en ik daar al heel wat vakantieweken heb mogen doorbrengen. Pommiers ligt op een half uurtje rijden en heeft mij altijd bijzonder toegeschenen, ook al is het objectief gezien niet veel anders dan al die duizenden andere verstilde Franse plattelandsdorpen.

Foto’s van Pommiers en omgeving heb ik in grote hoeveelheden, zoals deze, genomen in oktober 2010. Wat oogt het nog groen, hè? Het lijkt bijna een zomerplaatje. Toch was ook dit in de herfstvakantie. Het is voor het waarheidsgehalte goed dat ik die foto’s met datering heb want herfst hier is toch een beetje anders dan herfst daar.

Dat zag ik ook weer aan de foto’s die mijn ouders me momenteel vanaf hun Franse domein appen; lekker lunchen buiten aan de picknicktafel is standaard, waarbij gemeld wordt dat het kouder is dan andere jaren want er moet een vestje aan. (Ja, ja, jullie hebben het zwaar, denk ik dan, en tel ondertussen de weken tot ik zelf weer die kant op kom.)   

 

Als ik de tekst hierboven teruglees lijkt het een en al vakantiegevoel, terwijl een boek schrijven toch vooral hard werken is ─ zelfs deze ‘Franse romans’. Maar het schrijven gaat lekker en voorspoedig en ik hoop voor het jaareinde een volledige eerste versie bij mijn redacteur aan te kunnen leveren. Even vooruitrekenend kan dat betekenen dat ‘Loes deel 2’ in de herfstvakantie van 2016 gekocht en genoten zou kunnen worden. Bij voorkeur op een fijn vakantieadresje, hoewel lekker warm thuis op de bank tijdens een gure avond (warme chocolademelk bij de hand!) ook niet verkeerd klinkt.