27 september 2013

Tussentijd

Het is een tijd van rustig afwachten en heel hard werken tegelijkertijd, van nerveuze spanning bij het openen van de mailbox en euforisch achter de laptop zitten tikken; alles loopt hier in de schrijfkamer door elkaar.

Allereerst is er het manuscript voor mijn nieuwe boek, dat ligt nu bij mijn redacteur in Amsterdam. Zij gaat met haar rode pen en een kritische blik door de pagina’s, ze staat stil bij elke zin en noteert haar commentaar. Voor mij is het rustig afwachten tot ik het manuscript terug krijg waarna ik mij slikkend en wellicht soms snikkend en uiteindelijk onder de kont schoppend tot actie maan. Aanpassen, aanvullen, inkorten en soms uitbreiden. Ik ben er klaar voor.

Tijdens het wachten ben ik wel al verrast met een titel voor het boek (jee!) en heb ik prachtige omslagontwerpen gezien (joehoe!). Ik hoop ze snel te kunnen delen.

 

Daarnaast is Véronique rond deze tijd voor het eerst verkrijgbaar met een nieuwe en totaal andere kaft. Ik heb het omslag in de mail gezien en bewonderd maar nog niet in het echt in handen gehad. Ook daarop is het nog even vol spanning wachten.

 

Gelukkig heb ik in deze spannende tijden een prima afleiding gevonden: een nieuw verhaal. Toen ik een paar weken geleden op vakantie was in la belle France en van de rust en de sfeer en de prachtige omgeving zat te genieten, groeide er in mijn hoofd een ideetje. Eerst dacht ik, daar doe ik niets mee. Later, toen ik weer thuis was, bleef het ideetje maar aandacht opeisen, zelfs al stond ik er eigenlijk niet voor open. Toen besloot ik om ‘even’ een paar zinnen te noteren. Ik dacht het idee daarmee op een zijspoor te kunnen zetten. Niets is minder waar. Terwijl ik officieel zit te wachten op mijn geredigeerde manuscript zit ik dag na dag heerlijk te tikken en is mijn ideetje al uitgegroeid tot 35 pagina’s tekst.

Voor nu schrijf ik het voor mijn eigen plezier, en wie weet wat er later nog uit voortkomt.