Een kijkje in mijn schrijfkamer

Ben je benieuwd hoe mijn boeken tot stand komen? Hoe en waar ik research doe, inspiratie vind en hoe de samenwerking met een uitgeverij eruit ziet? Op mijn facebookpagina www.facebook.com/MichellesSchrijfkamer kijk je met me mee terwijl ik werk en lees je mijn laatste boekennieuws.

 

 

 

 

 

 

 

 



27 maart 2018

Aletta's spreekkamer

Afgelopen weekend was ik in mooi Groningen en bezocht ik het Universiteitsmuseum. Een echte aanrader is dit compacte museum over 400 jaar universitaire geschiedenis, dat bovendien gratis toegankelijk is. Ik kwam speciaal voor de 'spreekkamer' van Aletta Jacobs, maar er is nog veel meer interessants te zien.

Aletta was de eerste vrouw in Nederland die een reguliere universitaire studie volgde (haar zus Charlotte de tweede); in 1871 begon ze aan de universiteit Groningen. In de 'spreekkamer' in het museum gaat het over de twee grote thema's in Aletta's leven: het arts worden en zijn, en haar inspanningen voor het vrouwenkiesrecht. In de kamer stonden ook een bureau met stoel die van Aletta geweest zouden zijn. Heel bijzonder vond ik het om die even (stiekem) aan te raken en zo nog dichterbij de Grote Dame te komen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In mijn debuutroman Véronique kwamen Aletta en Charlotte Jacobs als personages voorbij. De roman speelt rond 1884 dus beide vrouwen waren toen nog vrij jong, maar wel al afgestudeerd en aan het werk als arts en apotheker (Charlotte).

In de nieuwe roman waaraan ik nu schrijf, speelt Aletta Jacobs weer een rol. Het is dan 1918 en de strijd voor het vrouwenkiesrecht loopt op zijn einde; het doel is zowat binnen handbereik.

In de 'spreekkamer' in het museum vond ik allerlei prachtige informatie en items die mijn fantasie weer aan het werk zetten. Dus nu mag ik weer hard aan het werk, want inspiratie verandert niet vanzelf in scènes op papier...

En als je in Groningen bent, loop dan eens binnen bij het Universiteitsmuseum, zeker een aanrader.

 



30 januari 2018

Om van te huiveren

Ik doe al bijna een jaar onderzoek voor mijn nieuwe historische roman, die zoals jullie wel of niet weten tijdens het einde van de Eerste Wereldoorlog speelt. Hoewel het grootste deel van het verhaal zich in Nederland afspeelt, waar de ‘gewapende vrede’ heerste, zoals ik als term tegenkwam, komen ook Duitse familieleden, Engelse vrienden en een Vlaamse vluchtelinge aan bod in mijn boek. Op die manier komt de oorlog bij mijn hoofdpersonen het leven binnen, zoals dat ook voor Nederlanders in die periode gold. Hoe internationaler georiënteerd je leefde of woonde (bijvoorbeeld in de grensstreek), hoe meer je meekreeg van het leed in de landen om het kalme Nederland heen. Denk ik.

 

En tja, wat gebeurde er dan in de landen om Nederland heen? Door romans die ik in de loop der jaren las, televisie en films die ik zag en via kunst uit die periode had ik al een aardig beeld, maar natuurlijk niet gedetailleerd genoeg om op basis daarvan een historische roman te schrijven. Vandaar het doorlopende proces van research doen. In mei afgelopen jaar was ik in York, Engeland, waar een aantal zeer boeiende en leerzame tentoonstellingen waren te zien over het leven van Engelse soldaten maar bijvoorbeeld ook over Engelse vrouwen die als verpleegkundige naar het front trokken. Dat keert terug in mijn manuscript, ik ben zelf erg blij met die mooie verhaallijnen, te danken aan de mensen die destijds zo moedig te werk gingen.

 

Waar ik veel minder over wist, was de Duitse kant van het verhaal. Geen wonder eigenlijk als je bedenkt dat Duitsland in 1918 door de ‘winnaars’ de schuld kreeg toebedeeld van de oorlog, terwijl je nu kunt concluderen dat in 1914 alle partijen met groot enthousiasme ten strijde trokken. Duitsers maar ook de Britten en de Fransen. Over verliezers wordt meestal minder geschreven en gefilmd dan over winnaars, en natuurlijk ben ik net als de meeste Nederlanders veel meer gericht op Engelstalige boeken en films dan op Duitse. Dat in 1918 ook al de kiem werd gelegd voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij de Nazi’s natuurlijk overduidelijk wél de ‘fouten’ waren, heeft er vast aan bijgedragen dat ik weinig wist over de Duitse versie van de Eerste Wereldoorlog.

Overigens is dat grotendeels al gecorrigeerd door het geweldige, meeslepende en zeer leerzame boek ‘Val der titanen’ van Ken Follett uit 2010. Follett laat in deze roman families uit alle betrokken landen de revue passeren, en geeft een heel genuanceerd en goed onderbouwd beeld van wie er nu schuldig was aan die vier jaren diepe ellende.

 

Desalniettemin blijft mijn zoektocht naar kennis doorgaan.

Op mijn schrijftafel ligt al weken een stapel boeken die ik uit de bibliotheek heb geleend en keer op keer verleng. Het meest aangrijpende is een bijna 600 pagina dik boek met de titel ‘De Eerste Wereldoorlog in foto’s’. Net zoals we nu op het journaal journalisten in Syrië verslag zien doen, gebeurde dat destijds ook. De fotografen waren overal bij en legden alles vast: van de modderpoelen waarin de trekpaarden vast kwamen te zitten zodat munitie en voorraden de troepen niet konden bereiken, tot de tientallen foto’s (alleen in dit boek al, dus in totaal zullen het er veel meer zijn) van in de loopgraven gesneuvelde soldaten. Die foto’s laten me huiveren en maken alles dat ik al las over deze strijd zoveel reëler. Ik blader verder en kijk in het gezicht van een gestorven Duitse soldaat, een bladzijde verder in dat van gesneuvelde Britten. Dan foto’s van mannen die zitten te eten of een brief schrijven in hun modderige onderkomens en op de volgende pagina’s actiefoto’s van de slag bij de Somme, waarbij je mannen de loopgraaf uit ziet klauteren, recht hun dood tegemoet.

De tekst onder deze foto luidt: 'Het slagveld was bezaaid met in staat van ontbinding verkerende lijken en de stank was vaak ondragelijk.'

 

Ken je die foto’s van concentratiekampen uit de Tweede Wereldoorlog? Waarbij je eigenlijk niet wilt kijken maar toch naar de ogen en gezichten blijft staren? Van die foto’s die je nooit meer vergeet en waardoor de gruwelijkheid van toen echt binnendringt?

Datzelfde heb ik met de foto’s uit dit boek.

Onmisbaar om een beter begrip van de hele periode te krijgen, maar ook verschrikkelijk.

 

Hierdoor begrijp ik ineens 2 dingen beter: waarom je overal in Frankrijk nog steeds gedenkmonumenten met namen van gesneuvelde soldaten tegenkomt (ik besef nu pas goed hoe ingrijpend die oorlog was), en ook waarom de geallieerden in 1938 (Anschluss) en 1939 (Polen) zo lauw en weinig doortastend reageerden op Hitlers agressie; ze hadden de ergste gruwel pas kortgeleden doorstaan, dan doe je alles om dat niet nogmaals te laten gebeuren.

 

Als ik overlees wat ik hierboven schreef, zou je bijna denken dat ik een vreselijk naar boek vol ellende ga schrijven. Dat is (gelukkig) niet waar. Mijn personages zijn juist steeds op zoek naar redenen om door te zetten, en om in het geluk te blijven geloven. Bovendien gaat het me juist om het leven in Nederland toen, hoe was dat? Toch ben ik blij dat ik al die nieuwe kennis en inzichten heb opgedaan, en ik denk dat dat misschien één van mijn redenen is om dit boek te schrijven; om dat alles te delen met lezers, zónder dat zij ook eerst een jaar research hoeven te doen.

 



15 december 2017

Plotten met plakkertjes

Zo. De eerste grote schrijfspurt zit erop. Ik heb afgelopen najaar met veel plezier en goed resultaat aan het manuscript van mijn volgende historische roman gewerkt. Het verliep meestal erg voorspoedig, waarschijnlijk ook omdat ik al een paar jaar rondloop met het idee voor deze nieuwe roman. Ik wist al die tijd al wie de hoofdpersonen zouden worden, waar en wanneer ze zouden leven en welke grote uitdagingen ze op hun weg zouden vinden.

 

Inmiddels is mijn manuscript ruim 200 pagina's lang en iets meer dan 80.000 woorden rijk. Dat is op zich al een boek, maar nog niet genoeg voor dít boek. Het is ook al zoveel tekst dat ik het overzicht kwijt raak. En dus is het tijd voor een belangrijke volgende stap: het plotten, schrappen, schikken en herschikken met behulp van plakkertjes. Dit is een methode die ik eerder heb gebruikt tijdens het schrijven, en voor mij werkt het erg goed.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe werkt het? Ik ga eerst het manuscript vluchtig doorlezen en een zeer korte samenvatting per hoofdstuk op mijn kladblok noteren. Ook zet ik daarbij wanneer en waar zich iets afspeelt. Zo krijg ik op 1 blad een duidelijk overzicht van het geheel en zie ik al waar ik moet indikken of juist uitbreiden.

Vervolgens komen de plakkertjes aan bod.

Op de grote geeltjes beschrijf ik heel in het kort een scéne. Dat worden er minimaal tientallen, het kunnen er ook een paar honderd worden. Het kan gaan om grote plotwendingen, of kleine détails die vooral voor de sfeerbeschrijving nodig zijn.

De gekleurde strookjes zijn voor de thema's in dit verhaal: elk thema heeft zijn eigen kleur. Een thema kan ook samenvallen met een personage, bijvoorbeeld vrouwenkiesrecht met Aletta Jacobs. Zo kan ik goed visueel maken of die thema's soepel door het hele verhaal zijn verwerkt.

 

Uiteindelijk ga ik al die plakkertjes op de juiste plek in het manuscript opplakken. Op dat moment moet het zo zijn dat het verhaal helemaal rond is, zonder gaten, zonder saaie stukken en vooral met veel spannende wendingen. Dit proces neemt minimaal een paar weken in beslag, het houdt namelijk ook in dat ik ondertussen researchboeken blijf lezen om mijn nieuwe kennis meteen te kunnen verwerken in mijn manuscript. En verder is het geestelijk best een uitdagend klusje want ik ben in mijn hoofd continu lijnen aan het trekken, de verhaallijnen aan het testen en aan het zoeken naar oplossingen voor probleempjes die opdoemen. Eigenlijk zie ik in deze periode mijn manuscript als een soort film in mijn hoofd, telkens opnieuw, telkens weer diezelfde scènes; het echte leven wordt daarbij steeds vager en mijn wereldje kleiner.

 

Wanneer dit plot en plak-proces klaar is, ga ik weer schrijven. Dat is dan bijna makkelijk, want het denkwerk is grotendeels gedaan. Ik hoef 'alleen nog maar' de scènes uit te werken die ik tegenkom op mijn herschrijfronde vanaf pagina 1 tot het einde. Easy toch? ;-)

 



20 november 2017

Inspiratie opdoen in Den Haag

Afgelopen weekend was ik weer even terug in Den Haag. De stad waar ik bijna tien jaar woonde en die nog altijd heel erg als thuis aanvoelt voor mij. Deze keer was ik er niet zomaar, maar ging ik met een missie op pad. Een deel van mijn nieuwe historische roman speelt zich namelijk af in Den Haag en ik wilde ter plekke sfeer opsnuiven en ideeën opdoen.

Allereerst stond de Indische buurt/Archipelbuurt op mijn programma. Ik heb het altijd een prachtig stukje Den Haag gevonden en dus was het gewoon al fijn om er wat rond te lopen en buiten in het herfstzonnetje koffie te drinken.

Ondertussen keek ik rond met mijn schrijversogen: ik liet de tijd terugdraaien naar het jaar 1919, en zag Véronique over straat kuieren. In mijn debuutroman Véronique was zij de hoofdpersoon, en de lezer verliet haar in 1884 op de kade van Batavia in Java. Nu keert ze dus terug als bijpersonage. In 1919 is ze de vijftig gepasseerd en teruggekeerd naar Nederland. Zoals veel oud-Indiëgangers komt ook zij terecht in de Archipelbuurt in Den Haag.

Ik vind het ontzettend leuk om zo rond te lopen en als het ware de stoep te delen met mijn personage in een vroegere tijd. Op zo'n moment is mijn verzonnen wereld bijna echter voor mij dan de werkelijkheid.

 

Daarna fietste ik naar het Vredespaleis. Ik woonde er jaren vlakbij en zag het gebouw dagelijks, en nooit was ik echt geïnteresseerd. Maar nu bezocht ik het Visitors Center, dat is gratis toegankelijk en erg interessant. Het Vredespaleis van binnen bekijken, of de tuinen in, is helaas niet mogelijk maar dankzij de presentatie die ik zag, alle memorabilia die er achter glas liggen en de infoboekjes die ik kocht, heb ik genoeg input om ook hier wat mee te gaan doen. En zo groeit mijn manuscript beetje bij beetje uit tot een volwaardig boek, voor mij zelf is het ook een ontdekkingsreis en een heel fijne bovendien!

 

Daarna stond er nog een fijne tentoonstelling op het programma: Art Deco Paris in het Gemeentemuseum. Echt een aanrader, met een glansrol voor mode-ontwerper Paul Poiret. Enkele zalen vol prachtige japonnen maar ook meubels, stofbedrukkingen, handgemaakte parfumflesjes en schilderijen van onder meer Kees van Dongen, Modigliani en Picasso. Zoveel moois, gezet in de tijdgeest van toen, is niet alleen genieten voor mij, maar zet ook de inspiratiekraan wijdopen. Ongetwijfeld zal ik ooit nog iets gaan schrijven aan de hand van alles dat ik zag, en wat ik mij voorstelde. En daarom vond ik dat een mooi excuus om nog even los te gaan in de museumshop ;-)

 



Samen met Kim naar Tilburg

Op zondagmiddag 29 oktober tussen 14.30 en 16.00 uur geven schrijfvriendin Kim ten Tusscher en ik samen een boeiende lezing over alles wat je ooit al wilde weten over het schrijversvak en over de totstandkoming van mooie boeken. Leuk voor lezers maar ook voor (beginnende) schrijvers.

Locatie: boekhandel Gianotten Mutsaers in Tilburg.

Entree: gratis! maar meld je bij voorkeur wel even aan via info@gianonottenmutsaers.nl

Tot dan? Meer informatie vind je hier

 

 

 



21 september 2017

Naar de TinekeShow!

Het bloggen schiet er de laatste tijd bij in. Het gaat sneller om nieuwtjes te delen via facebook en vooral vraagt mijn nieuwe manuscript veel aandacht. Maar nu heb ik toch weer iets superleuks meegemaakt dat zeker een blogje verdient...

 

Wat? Nou, afgelopen dinsdag 19 september was ik te gast bij de TinekeShow op npo Radio 5! Ik was nog nooit eerder in een Hilversumse studio geweest en was erg benieuwd. Uiteindelijk blijkt het allemaal precies zo te gaan en te werken als de regionale en de lokale studio's, alleen is het groter. In die zin was ik dus aardig voorbereid en ik was dan ook helemaal niet zenuwachtig want praten over mijn boeken gaat me altijd prima af. Zélfs met zo'n icoon als Tineke de Nooij :-)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hups, dinsdag in de trein naar Hilversum, het weer zat mee, de zon scheen heerlijk daar. Naar de studio, even een voorbereidend praatje met de redactie en iets leuks in een exemplaar van 'Een lucht vol Franse dromen' schrijven want dat kon gewonnen worden door een luisteraar. En toen naast Tineke achter de microfoon. Twee korte interviewtjes waren het, met muziek tussendoor. Het vloog voorbij, maar het was léuk!

Al veel te snel zat ik in de trein terug (want ja, de hond wilde gewoon uitgelaten worden, TinekeShow of niet...) maar het nagenieten duurt nog steeds voort. Wat een bijzondere en leuke ervaring.

 

Terugluisteren kan hier en hier.

 



21 september 2017

Een dappere nurse

Dit blog heb ik al op 15 mei geschreven, vlak na mijn verblijf in York. Maar inmiddels ben ik met deze input aan de slag gegaan in mijn nieuwe manuscript (o, het wordt zo mooi!) dus ik plaats dit blog nóg eens, omdat het weer helemaal actueel is en inhoudelijk zo bijzonder.

 

-----------------------------------------------------------------------------------------

 

Afgelopen week was ik met manlief een paar dagen in York en omgeving. Een prachtige stad is het, boordevol geschiedenis. Extra mooi was het dat er twee tentoonstellingen waren over de Eerste Wereldoorlog, de periode waarover mijn nieuwe historische manuscript gaat. In het Castle museum deed ik veel inspiratie op voor mijn roman. Bijzonder was onder meer de nagebouwde loopgraaf, waarin je een idee kreeg hoe het voor die arme soldaten geweest moet zijn.

 

Een museummedewerker liet ons een geweer uit 1918 zien, dat echt in die strijd is gebruikt. Met katoenen handschoentjes aan mochten we het vasthouden. Zwaar was het, al vier kilo zonder ammunitie en het bajonet van een halve meter dat er ook nog op hoorde. We hoorden dat de soldaten in principe eerst een training kregen waarin ze ook leerden omgaan met het geweer (tip: lees De witte veer van John Boyne als je daarover meer wilt weten!) maar dat dat er door de chaos ook wel eens bij inschoot en dat zo'n jonge onwetende soldaat door de terugklap van het schot (heet dat zo?) zomaar een gebroken sleutelbeen of kaak kon oplopen. Nou ja, dan kwamen ze tenminste in het veldhospitaal terecht, daar waren ze veiliger dan in de loopgraven!

 

Over die veldhospitaals kwam ik veel interessants te weten. Eén van de veel voorkomende letsels onder soldaten was oogletsel. Daarom hadden de artsen een uitgebreide voorraad met porseleinen 'ogen' in allerlei iristinten om de lege oogkas op te vullen.

 

In het Railway museum was een tentoonstelling over de Ambulance Trains: de treinen waarmee in Frankrijk en België de gewonde soldaten (ook krijgsgevangen Duitsers) van het front werden weggevoerd naar veiliger plaatsen. Met deze indrukwekkende expositie werd onder meer werd verteld over de vele dappere Engelse verpleegsters die in de veldhospitaals en in de treinen dienst deden. Ze waren dag en nacht omringd door de vreselijkste taferelen en hadden niet veel middelen tot hun beschikking om het lijden van de gewonden te verzachten. In de museumshop kocht ik een boek waarin de dagboeken van zo'n dappere nurse zijn gebundeld.

 

Terwijl ik op die tentoonstellingen rondliep, en later terwijl ik in het dagboek las en over alles nadacht, zag ik al snel een mogelijkheid om zo'n verpleegster in mijn manuscript te verwerken. Inmiddels ben ik weer thuis en kan ik het plot van mijn volgende historische roman verder ontvouwen; heerlijk werk is dat, ik ga er weer snel mee verder!